Blog

INFRATECTURE: 24/7

Overal ter wereld wordt continu gebouwd aan het infrastructuurnetwerk. Voor de aanleg van een nieuwe weg wordt een bouwterrein vrijgemaakt en kan zonder verstoring of rekening te houden met toekomstige gebruikers gebouwd worden. Op het moment echter dat een weg, spoorlijn of station open gaat zijn andere wetten van toepassing. Dan verwacht iedereen dat de infrastructuur er altijd voor iedereen is, altijd functioneert, het altijd gewoon ‘doet’. Een gebruiksgoed wat 24/7 moet functioneren.


Een deel van de verklaring voor deze verwachting ligt in het verleden. Infrastructuur bestaat van oudsher gewoon uit een bospad, een ‘geitenpad’ over een berg, een natuurlijk doorwaadbare plaats in een beek. Ofwel; van oudsher is infrastructuur extreem low-tech. Gewoon de aarde als basis, en die is er altijd en ‘doet’ het altijd. Met de uitvinding van het wiel en later van voertuigen en machines heeft technologie zijn intrede in de wereld van infrastructuur gedaan. De voertuigen werden meer en meer high-tech maar de infrastructuur werd nog steeds in de traditie van low-tech verder ontwikkeld. Zo zijn met name op het gebied van grondverbetering en verharding veel innovaties gedaan. Zand, planken, gravel, keien, klinkers, beton, asfalt, allemaal voorbeelden van zoektocht naar verharding die het mogelijk maakte in elke weersgesteldheid, in elk seizoen met steeds grotere snelheden, massa en veiligheid te verplaatsen. Het zit dus in ons dna ingebouwd dat we van infrastructuur verwachten dat het er gewoon is, en dat het gewoon werkt. Het is voor iedereen gewoon vastgoed, onderdeel van de aarde.
 

Afhankelijk van infrastructuur

Een tweede deel van de verklaring ligt in de betekenis van infrastructuur voor onze manier van samenleven. Voor alles zijn we afhankelijk van infrastructuur: voor sociale contacten voor ons eten en drinken, voor uitwisseling, ontmoeting en ontwikkeling. Onze economie, hoe digitaal die ook wordt, is afhankelijk van een goed functionerend, beschikbaar en betrouwbaar infrastructuurnetwerk. Werken aan infrastructuur is werken aan het sociaal-, ruimtelijk- en economisch verbeteren van land en stad. Dat tijdens de verbouwing van Rotterdam Centraal het station open MOET blijven heeft te maken met het economische belang van infrastructuur. Het station als schakel in netwerken voor honderdduizenden mensen per dag. Het sluiten van dat station betekent direct het onbruikbaar maken van een netwerk. In de combinatie van deze twee verklaringen, lowtech en economie, daar zit de complexiteit. Infrastructuur is dermate belangrijk geworden als basis waarop de samenleving zich beweegt dat steeds vaker innovatieve technologie ingezet wordt om de (lowtech) infrastructuur te verbeteren en er zo voor te zorgen dat tegen relatief lage kosten het netwerk van netwerken optimaal en continu functioneert (economie). Infrastructuur verschuift daardoor meer en meer van lowtech naar hightech. En met hightech sluipen verstorende aspecten de wereld van infrastructuur binnen die betrouwbaarheid en beschikbaarheid beïnvloeden.
 

Technologie

Waar de basaltkeien van de Via Appia al meer dan 2300 ‘hun werk’doen zijn dynamische verkeersmanagementsystemen afhankelijk van stroom, mensen, programmatuur, klimaat en data. Iedereen heeft ervaring met updates die nodig zijn om een tabletPC actueel te houden, dat een laptop opgeschoond moet worden en dat geheugenkaarten bijgezet moeten worden. Computercrashes zijn een persoonlijke ramp, trage computers een grote irritatiefactor. Het zijn deze computers die de betrouwbaarheid en het functioneren van de huidige infrastructuur voor een belangrijk deel bepalen. Technologie is niet meer weg te denken in de wereld van infrastructuur. Sterker nog, door technologie is het mogelijk beschikbare infrastructuur beter te benutten en daardoor in veel gevallen geen ruimtevretende uitbreidingen aan te hoeven leggen. Maar de verwachting is hoog. Het is niet voldoende om infrastructuur te ontwerpen die mooi is, efficiënt en functioneel. Van Infrastructuur wordt verwacht dat het altijd beschikbaar is. Robuustheid en levensduur zijn daarom erg belangrijke criteria die al tijdens het ontwerpproces in keuzes en afwegingen meegenomen moeten worden. De stelregel lijkt daarbij op dit moment ‘hoe minder tech hoe betrouwbaarder’ te zijn. Terug naar het pre-digitale tijdperk is echter ondenkbaar. We zijn afhankelijk geworden van systemen, data en computers om niet alleen maximaal gebruik te kunnen maken van infrastructuur maar ook veilig en comfortabel. Hoe krijgen we de robuustheid van basalt en de slimheid van digitale technologie optimaal met elkaar versmolten zodat we kunnen voldoen aan de 24/7 verwachting van de mobilisten?



Dit artikel komt uit Stedebouw & Architectuur

Deel dit artikel