Blog

Blog en discussie infrastructuur: creativiteit of functionaliteit?

“Melanie, waar blijft je regie?!”, vraagt Berry den Brinker (Stichting SILVUR, Vrije Universiteit) in zijn blog in de februari-editie van vakblad Verkeerskunde. Hieronder kunt u zijn blog lezen. Naar aanleiding van zijn blog is de redactie een discussie gestart in de LinkedIn-groep van Verkeer in Beeld. Wat vindt u: wordt er bij het ontwerp van infrastructuur te veel gekeken naar creativiteit en originaliteit in plaats van naar doel en functionaliteit, gezien het stijgende aantal ernstig gewonde verkeersslachtoffers? En is het aan de minister om de regie te voeren over de diverse partijen die hierover van verkeersdeelnemers? Praat gerust mee!

LinkedIn

Hieronder vindt u de blog waarover u kunt meepraten op LinkedIn. Om mee te kunnen discussiëren, is het de bedoeling dat u lid bent van de groep van Verkeer in Beeld. Dit kan eenvoudig door op LinkedIn te zoeken naar de groep ‘Verkeer in Beeld’ en op de betreffende pagina van Verkeer in Beeld te klikken op de button ‘Vragen om lid te worden’. Als u bent ingelogd en lid bent, vindt u de discussie hier.

 

Blog: Melanie, waar blijft je regie?!

Door Berry den Brinker (Stichting SILVUR, vrije Universiteit)

 

Begin december debatteerde de Tweede Kamer over het in 2014 zorgwekkend aantal ernstige verkeersgewonden. Dat aantal steeg in 2014 tot 20.700, een stijging van 10 procent sinds 2013. De minister stelt vast dat de stijging, die volgens haar in 2007 begon, zich voortzet. En dat met het huidige beleid het aantal verkeersgewonden in 2020 niet terug te brengen zal zijn tot 10.600.

 

Om dit doel alsnog te bereiken, wil de minister initiatieven van maatschappelijke organisaties én de inzet van andere overheden, waar nodig, op elkaar afstemmen zodat ze elkaar kunnen versterken. Daarmee hoopt ze vóór 2020, samen met de andere overheden, een nieuwe doelstelling te kunnen formuleren voor de opvolging van het lopende Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2008-2020.

 

Moeten we tot 2020 wachten op effectief beleid?

Zo geformuleerd lijkt de minister een laag ambitieniveau te hebben voor het aantal ernstige gewonden. Volgens mij is ze de regie kwijt. Immers, uit onderzoek sinds de start van het Strategisch Plan, weten we over wat voor soort ongevallen het gaat en ook wat er aan gedaan kan worden om ze te voorkomen. Het gaat om enkelvoudige fietsongevallen die met betrekkelijk eenvoudige infrastructurele ingrepen voorkomen kunnen worden[*]. Inmiddels weten we ook dat het aantal enkelvoudige fietsongevallen al vanaf 1995 sterk stijgt. Moeten we tot 2020 wachten op effectief beleid om het al 25 jaar stijgende aantal fietsongevallen in te dammen? Welke krachten weerhouden de minister door te pakken?

 

‘Bewustzijn’ van lokale overheden

Aanbevelingen (uit studies) van SWOV, Fietsberaad, CROW en Blijf Veilig Mobiel in de afgelopen jaren dringen nauwelijks door tot het ‘bewustzijn’ van de lokale overheden. Dat blijkt uit de fietsveiligheidsplannen die gemeenten moesten opstellen in het kader van de ‘Lokale Aanpak Veilig Fietsen’[*]. In geen van de nota’s die ik zag, was het beleid gericht op het beter zichtbaar maken van de fietsinfrastructuur door kantmarkering of andere maatregelen die het fietsers gemakkelijk maken te zien waar ze rijden[*]. Het verbaast me omdat de Publicatie ‘Seniorenproof wegontwerp voor fietsers’ door Blijf Veilig Mobiel naar alle provincies en gemeenten in Nederland is gestuurd. Lokale overheden stellen kennelijk nog steeds geen prioriteit in het beter zichtbaar maken van de fietsinfrastructuur, terwijl ‘herkenbaarheid van de weginfrastructuur’ de sleutel is in het Duurzaam-Veiligproject om het aantal dodelijke ongevallen terug te brengen van meer dan 3000 in 1973 tot 570 tegenwoordig. Zo’n slag zou weer gemaakt kunnen worden als fietsers, met name ouderen en mensen met minder zicht, onder alle weers- en lichtomstandigheden kunnen zien waar ze rijden.

 

Nu al denken aan strategisch Plan ná 2020

Ook al is het laat, het lijkt een goed idee om nu al te denken aan een strategisch plan over verkeersveiligheid ná 2020. Dat past ook goed in andere langetermijnplannen die nu ontwikkeld worden op het ministerie. Zo wordt in het kader van de Omgevingswet gewerkt aan de ‘Nationale Omgevingsvisie (NOVI)[*]. Als voorbereiding daarop is vorig jaar - in het kader van het Jaar van de Ruimte 2015 - het Manifest 2040[*] opgesteld met een visie op toekomstige ontwikkelingen van de ruimtelijke omgeving in Nederland. Als we denken aan verkeersveiligheid, kunnen we meteen nieuwe ontwikkelingen in het verkeer betrekken. Nodig, omdat 80 procent van de ruimte tussen de gevels in steden op een niet duurzame wijze besteed wordt aan wegen en parkeerruimte voor auto’s. Volgens mij bepaalt in 2040, en misschien wel eerder, fietsen het straatbeeld, en ligt er dan overal een veilige fietsinfrastructuur. Maar dat gaat niet vanzelf.

 

Maatwerk gaat een daling in de weg zitten

Het beter zichtbaar maken, stuit nogal eens op bezwaren van stedenbouwkundigen. Zo staat in het Manifest 2040 over fietspaden: ‘We moeten toe naar een praktijk van creatieve oplossingen die goed passen bij het gebied en met andere middelen dan vaste ruimtelijke normen en zoneringen hetzelfde doel bereiken.’ Met ‘het doel’ wordt ‘afdoende bescherming tegen risico’s van buitenaf’ bedoeld. Ik reageerde hierop dat het grote risico niet van buitenaf komt, maar van binnenuit, vanuit het ontwerp van de infrastructuur zelf. Het ‘creatieve maatwerk’ vergroot het ongevalsrisico als maatregelen gericht op de herkenbaarheid en begrijpelijkheid van ruimtelijke situaties genegeerd worden. Als reactie op mijn bezorgdheid betoogde de redactie van het manifest dat in het verleden normen te veel doel op zich waren geworden. Ik vrees echter dat door nadrukkelijk in te zetten op ‘creatief maatwerk’, ‘originaliteit’ een doel op zich wordt ten koste van de herkenbaarheid van de fietsinfrastructuur. Daarmee gaat het maatwerk een daling van het aantal enkelvoudige fietsongevallen in de weg zitten.

 

Vraag om regie

Op het ministerie, maar ook bij provinciale en gemeentelijke overheden, werken zowel stedenbouwkundigen die gaan voor het creatieve maatwerk voor verblijfsruimten, als verkeerskundigen die zweren bij herkenbaarheid van wegsituaties. Discussies over ‘het stromen en verblijven’ lijken soms meer op een stammenstrijd dan op vredige co-existentie[*]. Het komt me voor dat de minister de regie moet voeren over deze kibbelende partijen. Dat heb ik haar gevraagd namens de MaculaVereniging, kerngroep lid van Blijf Veilig Mobiel. We hebben nog geen antwoord.

 

Verkeerskunde

Op www.verkeerskunde.nl/blog leest u de integrale blog van Berry den Brinker met literatuurbronnen [*].

 

Praat mee!

Om mee te kunnen discussiëren, is het de bedoeling dat u lid bent van de groep van Verkeer in Beeld. Dit kan eenvoudig door op LinkedIn te zoeken naar de groep ‘Verkeer in Beeld’ en op de betreffende pagina van Verkeer in Beeld te klikken op de button ‘Vragen om lid te worden’. Als u bent ingelogd en lid bent, vindt u de discussie hier. Praat gerust mee!



Dit artikel komt uit Verkeer in Beeld

Deel dit artikel